Winford in het nieuws

Winford in het nieuws

Onderstaand artikel is afgelopen week gepubliceerd in het Financieele Dagblad en op FD.nl.

Per kind meer te doen, maar ook meer vrijheid

Scholengemeenschap Winford is 's lands grootste aanbieder van particulier basisonderwijs. 'De ouders die hier hun kind aanmelden hebben het idee dat de potentie van hun kind niet goed uit de verf komt in het reguliere onderwijs.'

In het statig pand van Winford aan het Haagse Korte Voorhout heet Marjet Dijkstra om kwart voor negen haar stamklas van groep 7 en 8 welkom. Tot einde schooldag om half vier verliest zij de negen jongens en meisjes niet meer uit het oog.

'Wij werken heel intensief samen met de kinderen en pauzeren ook met ze. Niemand gaat naar huis', legt Dijkstra uit. 'Ieder kind krijgt les op zijn of haar eigen niveau waarbij we werken aan de specifieke doelen die voor hem of haar zijn gesteld.'

Die individuele aanpak houdt in dat er met meerdere leermethodes voor taal, lezen en rekenen wordt gewerkt. De klassen zijn klein — hooguit zes à tien kinderen — en het aantal lesuren ligt iets hoger dan in het regulier onderwijs

Lesuitval is er niet. 'Voor ons is dat heel belangrijk', vertelt algemeen directeur Marc Peters van de scholengemeenschap. Anders dan in het reguliere onderwijs is er weinig ziekteverzuim en burn-outklachten komen niet of nauwelijks voor. Peters: 'Winford is een fijnere omgeving om in te werken omdat leerkrachten meer zeggenschap krijgen over hoe zij hun werk inrichten.'

Juf Marjet beaamt dat. ‘Ik heb meer inspraak', zegt zij. 'Je hebt als leerkracht vrijheid van input en er is veel overleg; alles zit niet ramvast samengevat in protocollen. Daarom voelt het hier nieuw en dynamisch.’

Kleine klassen

Scholengemeenschap Winford telt nu rond de honderdtwintig basisschoolleerlingen, verspreid over zeven scholen. Grofweg een op de zes kinderen in het Nederlandse particulier basisonderwijs krijgt er les. De nieuwste vestiging in Breda legt zich uitsluitend toe op het basisonderwijs en is dit schooljaar begonnen met twaalf kinderen. Doel is om te groeien naar dertig à veertig.

'Wij zijn begonnen met groepen zeven en acht, maar geven tegenwoordig ook les vanaf groep drie', vertelt Peters. 'Met onze basisschoolklassen gaat het heel goed. De ouders die hier hun kind aanmelden hebben het idee dat de potentie van hun kind op een of ander manier niet goed uit de verf komt. Zij hebben extra begeleiding nodig om verder te komen. Met een gemiddelde klasgrootte van rond de dertig in het reguliere onderwijs kan dat niet altijd worden geboden.'

Volgens Peters heeft de introductie van passend onderwijs, waarbij kinderen met een zorgvraag of beperking zo veel mogelijk naar een gewone school gaan, de druk op de reguliere scholen verder verhoogd. Intussen stijgt ook de administratieve last: 'Onnodig veel rapporten worden geëist waarin van alles en nog wat tot in de details moet worden verantwoord. Daar gaat heel veel tijd inzitten. Laat de school de school zijn en controleer op afstand.'

Varkenscyclus

Peters hekelt de 'varkenscyclus' in het onderwijs waardoor er nu een tekort aan leraren dreigt. Maar zegt hij, er is een enorme stille reserve aan onderwijskrachten, met name in het basisonderwijs, omdat veel leerkrachten parttime werken. Wel is het zo dat basisschoolleraren het liefst in de buurt aan de slag willen. ‘De gemiddelde leerkracht wil niet verder dan twintig of dertig kilometer hoeven reizen.'

Hier de link naar het verdere artikel op de site van het FD.NL



Terug naar Nieuws Gepubliceerd: 05-03-2018