Ons Team

Ons Team

Onze docenten

Op Winford werken enthousiaste, betrokken en bevoegde docenten. Zij zorgen voor een heldere uitleg, een persoonlijke aanpak en hebben veel vakkennis zodat ze de lesstof goed kunnen overbrengen. Een prettige mix van ervaren en jonge docenten zorgt voor een dynamisch team dat een goede, positieve sfeer neerzet in de school.

Wij vinden het belangrijk dat ons onderwijs voortdurend in ontwikkeling blijft. De docenten van Winford hebben regelmatig overleg en besteden veel tijd aan de ontwikkeling van nieuwe kennis en inzichten. Winford heeft twee interne cursussen ontwikkeld die alle facetten van goed (particulier) onderwijs behandelen en die al onze docenten in enkele jaren doorlopen. 

De mentor als copiloot en begeleider

De mentor heeft in de leerlingbegeleiding bij Winford een centrale rol. Hij heeft een klein groepje leerlingen onder zijn hoede, dus er zijn veel mogelijkheden voor een intensieve begeleiding. Op Winford kijkt de mentor over de schouder van de leerling mee. Als de leerling hulp, bijles of een luisterend oor nodig heeft komt de mentor voor hem/haar op.

Daarnaast houdt de mentor nauwgezet de resultaten van de leerling in de gaten. Hij heeft de ‘helikopter-positie’ en communiceert hierover actief en regelmatig met ouders, schoolleiding en collega’s. Want een goede samenwerking in de driehoek ouder-school-leerling is belangrijk in de ontwikkeling van de leerling.

De directie

Winford scholen hebben een platte organisatiestructuur, waarbij de directeur en twee coördinatoren de dagelijkse leiding hebben. De Winford directie is transparant, communicatief vaardig en zeer laagdrempelig: ze zijn makkelijk bereikbaar voor zowel leerlingen, ouders, als docenten.

Docenten aan het woord:

Irene Lindhout, Docent Nederlands (Winford Leiden)

Als mentor heb je een mooie taak: je mag een eindje meelopen met je mentorleerling.

Je hebt een fantastisch doel: samen met de collega's, ouders en schoolleiding ervoor zorgen dat de leerling goed door het schooljaar komt: door naar de volgende klas of van school met diploma, maar ook gegroeid naar een leerling die zijn verantwoorden neemt en kent.

Klinkt mooi en dat is het ook, maar wat houdt het mentoraat nu eigenlijk in?

Je start je begeleiding met het analyseren van het startonderzoek, aan de hand daarvan stel je het ontwikkelingsplan. Het plan ga je bespreken met de ouders, de leerling, de collega's. Als iedereen op de hoogte is en zich in het plan kan vinden, is dat een mooi moment: we kunnen van start!

Het traject dat van start gaat houdt in: wekelijks met de leerlingen in het mentoruur de vinger aan de pols houden, in het zorgoverleg met de collega's de ontwikkeling bijhouden, mailen/bellen/appen met de ouders: hoe is de stand van zaken? Hoe gaat het thuis? Het ontwikkelingsplan wordt regelmatig geëvalueerd en zo nodig bijgesteld. Dit in een professionele setting, waarbij eventueel externe deskundigen wordt gevraagd bij te springen.

Maar het mentoraat is natuurlijk meer dan een opeenvolging van gesprekken, evaluaties en bijstelling van plannen. Dat is veel op je stoel zitten, maar zoals gezegd: de mentor loopt mee.

En dat lopen wordt vaak hollen, rennen, struikelen, even stilstaan, zijpaadje inlopen, kuieren, de weg kwijtraken en gelukkig weer op de goede route komen.

Kortom: dagelijks even een praatje maken, vragen hoe de toetsen gingen, schouderkloppen geven, shoulder to cry on aanbieden, meeleven, meelachen, duw in de rug geven, schop onder de kont geven, meedenken, er gewoon zijn om even uit te blazen.

Er is een aspect dat hierboven nog niet besproken is, maar wel genoemd moet worden. Omdat het zo belangrijk is, zo groot, maar tegelijkertijd zo moeilijk te omschrijven: de band die je krijgt met je mentorleerlingen. Alle onderwijskundige, didactische en pedagogische doelen kun je keurig volgens de boekjes uitvoeren, geen probleem. Maar het belangrijkste criterium voor een goede begeleiding is toch om het echt samen te gaan doen, en dat lukt alleen als je elkaar leert kennen, er vertrouwen is en je eerlijk met elkaar om kan gaan.

Dit jaar is mijn 34e mentorjaar en ik loop, ren en kuier nog altijd graag mee. Mijn mentorleerlingen doen dit jaar allemaal eindexamen, twee van hen mocht ik in de brugklas al als mentor begeleiden.

Dat wordt straks champagne drinken, maar ook even iets wegslikken.

Yolanda van der Vliet, Docent Nederlands (Winford Rotterdam)

Het is inmiddels jaren geleden dat ik, net van de opleiding af, vol enthousiasme aan de slag ging in het onderwijs. Ik zou nooit zo`n lerares worden die plichtsgetrouw haar lesjes afdraaide en geen interesse in haar leerlingen had. Maar 10 jaar en vele klassen gevuld met 25 à 30 leerlingen per klas later, was er van die droom weinig meer over. Deze manier van lesgeven paste niet bij mij en ik vind eerlijk gezegd dat die evenmin bij de leerling past!

Bij toeval kwam ik in aanraking met het particulier onderwijs en wat een verademing! Dit was wat ik bedoelde. Kleine groepen zodat je rekening kunt houden met de persoonlijke behoefte van de leerling. Op deze manier kun je extra uitleg geven aan de ene leerling en verdiepings- en verrijkingsstof aan de andere. Geen massale `leerfabriek` , maar een school waar iedereen elkaar kent, die een veilige leeromgeving biedt waar men respectvol met elkaar omgaat. Een school met korte lijnen tussen ouders, leerlingen en docenten, zodat eventuele problemen snel aangepakt kunnen worden. Het type school dat ik ieder kind gun.

Inmiddels werk ik alweer 26 jaar in dit type onderwijs en ik heb er nog steeds geen genoeg van!

Jitse Veerman, Docent L.O. (Winford Utrecht en Amsterdam)

Als docent Lichamelijke Opvoeding is het niet altijd even makkelijk om met kleine groepen te moeten werken. Sterker nog, ik ben heel blij dat de onderbouwklassen, net als de bovenbouwklassen, allemaal geclusterd zitten bij LO. Dit is goed voor de sociale ontwikkeling én je kunt een hoop van elkaar leren. Daarnaast is een potje basketbal leuker als je 5-5 speelt dan 2-2…
Het werk is heel gevarieerd. Zo geef ik les aan een basisschoolgroep met kinderen uit groep 6, 7 en 8, maar ook aan leerlingen van 16, 17, 18, soms wel 19 uit de bovenbouw.

Af en toe is het wel even schakelen, omdat er dan vier of vijf leerlingen niet zijn. Dan houd je een kleine groep over en kan je niet je geplande les geven. Aan de andere kant houdt dit je wel scherp, omdat je moet improviseren.
Omdat er relatief weinig docenten nodig zijn, ontstaat er een hechte band in het docententeam. Bijna elke docent geeft les aan dezelfde leerling, zodat iedereen wel een beeld heeft van deze leerling. Dit zorgt ervoor dat er makkelijk en goed kan worden gecommuniceerd en er een competent actieplan kan worden opgesteld. Samenwerking, communicatie en consequent zijn, zijn immers draagvlakken voor een geslaagde aanpak.

Al met al is het leuk om hier als docent LO te kunnen en mogen werken, aangezien geen enkele werkdag saai is!

Susanne Verboom, Docent Engels (Winford Utrecht)

Een aantal jaar geleden werd ik gebeld met de vraag of ik bij Winford zou willen solliciteren voor docent Engels. Na een snelle blik op de website, een fietstochtje over de Nieuwegracht (waarbij ik stiekem naar binnen keek) besloot ik om te solliciteren. Een week later begon de eerste les en de leerlingen druppelden binnen. Alleen dat druppelen duurde niet heel erg lang “Is dat alles??” vroeg ik verbaasd. Maar ja echt, dat was alles! Dat was even een “piece of cake” vergeleken bij mijn ervaring in het reguliere onderwijs.

Al snel merkte ik de voordelen van het werken bij Winford. Niet alleen lagen er aan het eind van de dag geen stapels toetsen maar in de les was er ook de mogelijkheid om leerlingen echt goed te leren kennen. Dit is niet alleen belangrijk om een goede band met ze op te bouwen maar zo kan ik ook veel beter inschatten welke lesinhoud het beste bij ze past. Als mentor probeer ik die band nog meer in te zetten waardoor ik ze zo goed in de gaten kan houden, kan bijspringen waar nodig is en goed contact kan onderhouden met de ouders.

Kortom, werken op Winford betekent dat er voor mij de ruimte is om me te richten op vakinhoud en tegelijkertijd oprecht aandacht kan geven aan leerlingen zodat ze onderwijskundig krijgen wat ze nodig hebben.  

Ranjeet Gajadhar, Docent Economie (Winford Utrecht)

Lesgeven is mijn passie en dat doe ik met heel veel plezier bij Winford.  Wat het werken bij Winford zo leuk maakt is de betrokkenheid. Vanuit het management, de collega's onderling, maar vooral met de leerlingen. De kleine groepen zorgen ervoor dat je echt een band ontwikkelt met de leerlingen. Ook heb je goed zicht op wat een ieder kan en ben je in de gelegenheid om in te spelen op de individuele behoeften van elke leerling. Dit houdt het werk uitdagend en afwisselend.

Kortom werken bij Winford haalt het beste uit docent en leerling: "De kracht van aandacht!"

Danielle Coppée, Docent Chinees (Winford Den Haag)

“Het werken in een kleine groep naar een gemeenschappelijk doel en aandacht kunnen geven aan de individuele leerling is een droom in het onderwijs…”: dit was een zin uit mijn sollicitatiebrief aan het Winford in Den Haag in mei 2015 en het Winford heeft het helemaal waar gemaakt!

Mijn kleine groep leerlingen en ik hebben in een uitstekende omgeving aan ons doel kunnen werken: een goed cijfer voor het eindexamenvak Chinese taal & cultuur halen. Er was gelegenheid voor veel aandacht van en naar de leerlingen. Niet alleen het verslappen van de aandacht van de leerling werd meteen opgemerkt maar ook mijn lessen werden met veel aandacht gevolgd. Voor beide kanten geen ontkomen aan. De lessen konden, dankzij de kleine groep, naar individuele behoefte ontworpen worden en het was niet de leerling die mij volgde maar andersom. Ik kon elke ontwikkeling van elke leerling in de gaten houden en daarop reageren om zo, gezamenlijk, tot een goed resultaat te komen.

De investering heeft zich dubbel en dwars uitbetaald (met een gemiddelde van 8,5). We hebben de kracht van aandacht gevoeld. Dit heeft mijn jaar op het Winford een uitdaging èn een waar feest gemaakt!

Deze website maakt gebruik van cookies om uw gebruikerservaring te verbeteren.
OK         Meer informatie